Foto:

In onze achtertuin

  Nieuwsflits

Ferry's column

Hallo vakantievierders. Het is prachtig weer. Ik neem u mee voor een ritje op de fiets. Bandjes opgepompt, waterfles in de tas en de kilometerteller op nul. Vandaag gaan we rustig peddelend genieten van het moois om ons heen.

Ik verlaat de stad via de nieuwbouwwijk en rijd pardoes het weidse polderlandschap in. Daar word ik meteen getrakteerd op een kakofonie van vogelgeluiden. Ik stap af om mijn mobieltje te raadplegen. Driehonderd in Nederland voorkomende vogelsoorten telt de online Vogelgids. Teveel voor een dag, ik geef het maar op en geniet verder van het gezang.

Bijna ongemerkt kom ik in een eerste dorpje aan. Daar is de wekelijkse markt aan de gang. De kaasboer staat te zwaaien met zijn kaasschaaf en prijst een geurige streekkaas aan. Ik begin een ­praatje en van een taalbarrière blijkt helemaal geen sprake. Met een pondje kaas en een paar appeltjes voor de dorst van de groenteman spring ik weer op de pedalen.

Heerlijk. Vakantie zonder hinderlijke taalbarrière

Het dorp blijkt via een kanaal verbonden met het achterland. Ik volg het water. Rechte stukken en bochten wisselen elkaar af en plots ligt daar een met de hand te bedienen trekpont. Ik zie geen andere passagiers en moet zelf aan de bak. Eenmaal overgestoken kom ik puffend bij van de gepleegde inspanningen.

De polder roept echter en ik besluit door te fietsen. Tussen de koeienweiden door kom ik bij de rand van een uitgestrekt golfterrein. Doorfietsen mag via het rijwielpad. De golfbaan gaat over in een schaduwrijk bosgebied compleet met klauterwoud en de daar neergestreken ijsboer doet goede zaken. Ik toer langs een paar sportvelden en kom in het volgende plaatsje, waar ik mijzelf bij de viskraam trakteer op een harinkie-met-ui.

Een wegwijzer kondigt het volgende plaatsje aan. 5 kilometer. Zonder zadelpijn begin ik ook aan deze etappe. Slingerend over een dijkje en genietend van het uitzicht bereik ik het historische centrum. Vis moet zwemmen en op het terras van het dorpscafé bestel ik een glas koud en schuimend bier.

De verleiding is groot te blijven plakken maar ik moet verder. Na een tunnel onder de snelweg doemt het volgende dorpje alweer op. 'Museum geopend' kondigen reclameborden aan. Ik vind het museum snel en ga naar binnen om mijn culturele peil iets op te krikken. Een uurtje later trap ik weer rustig verder.

Een groepje gehaaste e-bikers zoeft voorbij net terwijl ik een blik werp op een boer die met zijn pruttelende trekker hooi van het land haalt. Het motorgeluid vervaagt en de bebouwing wordt weer dichter. Mijn laatste stopplaats ontvouwt zich voor mijn ogen. In de plaatselijke supermarkt doe ik nog wat boodschapjes.

Vele indrukken rijker kom ik weer op de plek waar ik vertrokken ben. 39 kilometer, zegt de teller. Waar ik heb gefietst? Gewoon, een rondje vanuit Rijswijk, via Schipluiden, Vlaardingen, Maassluis, Maasland en Den Hoorn weer terug naar Rijswijk. Vakantie in eigen land heet dat. Als Rijswijker hoef je daarvoor niet verder te gaan dan onze mooie Midden-Delflandse achtertuin.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden