Foto: RHOBBY

De eeuwige wederkeer

  Column

Vroeger, toen Koningsdag nog Koninginnedag was, had ik thuis een speelgoedkassa. Zo'n eentje van keihard plastic van een bekend Amerikaans speelgoedmerk. Er zaten ook grote dikke munten bij, en die kon je dan boven in de kassa stoppen om ze via de grote knop in de kassa te laten verdwijnen. En dan kon je met één van de twee schakelaars de munt er als wisselgeld via een glijbaantje weer uit laten rollen, of in de kassalade terecht laten komen. Die kassalade kon je dan weer met een slinger aan de zijkant weer open maken.

Ik heb er vroeger uren mee gespeeld. Omdat het leuk was, maar het kon ook omdat het kassaatje nagenoeg onverwoestbaar was. De mechaniekjes brachten mij natuurlijk wel in de verleiding tot allerlei fratsen zoals meerdere munten in één gat proppen of alle schakelaars tegelijk indrukken. Maar het ding ging gewoon niet stuk. Ouderwetse degelijkheid en kwaliteit, zo u wilt.

Op een gegeven moment ben ik de kassa uit het oog verloren. Je wordt ouder, krijgt andere interesses en waarschijnlijk hebben mijn ouders het ding op een gegeven moment weggedaan. Logisch, je kan nu eenmaal niet alles bewaren.

Ruim twee decennia later, Koninginnedag is intussen Koningsdag geworden, lopen we als gezin over de oranjevrijmarkt. Ondanks Marktplaats en Marie Kondo blijft de vrijmarkt voor mij een populair onderdeel van de traditionele Koningsdag. Natuurlijk is het vooral dé plek om je collectie John Grishams, Dan Browns of Vijftig Tinten Grijs-reeks compleet te maken. Maar de vrijmarkt is het ook een prima gelegenheid om mooi speelgoed en leuke kinderboeken voor weinig op de kop te tikken.

De kleedjes werden zaterdag zoals gebruikelijk bemand door de kinderen zelf, die graag afscheid nemen van hun spulletjes in ruil voor een zakcentje en natuurlijk door hun ouders die al dat speelgoed dat thuis in de weg ligt graag ziet vertrekken. Nadat we al wat boekjes hadden gevonden, zagen we ineens De Kassa staan.

Echt waar, het was een identiek exemplaar, nog puntgaaf én compleet. We twijfelden geen moment, en zonder te onderhandelen over de vraagprijs kochten we de kassa en zeulden ‘m mee naar huis. Daar wordt er nu dankbaar mee gespeeld, soms op dezelfde onbehouwen manier als vroeger door mij.

En wie weet, over een paar jaar, als mijn kinderen te groot zijn geworden en de kassa niet meer leuk vinden, zit ik misschien zelf wel op een kleedje om het weer te verkopen aan een papa of mama die er vroeger ook mee gespeeld heeft en nu denkt: die koop ik voor mijn eigen kinderen. Natuurlijk, het is maar speelgoed, maar het voelt tóch een beetje alsof je iets moois doorgeeft aan een volgende generatie.

Meer berichten