Iris Heijdelberg, directeur van AZC basisschool De Bazaar, vindt aandacht aan de kinderen op haar school belangrijk. Foto Frans Limbertie
Iris Heijdelberg, directeur van AZC basisschool De Bazaar, vindt aandacht aan de kinderen op haar school belangrijk. Foto Frans Limbertie (Foto: Frans Limbertie)

Open dag AZC trekt erg veel bekijks

Frans Limbertie

"Hier lesgeven is mooie uitdaging"

Afgelopen zaterdagmiddag was het weer Open Dag op het terrein aan de Lange Kleiweg. Uiteraard was er alle tijd en gelegenheid voor het geïnteresseerde publiek om een kijkje nemen en kennis te maken met het AZC en haar tijdelijke bewoners.

Rijswijk - Tussen de prefab woningen staan kraampjes waar vluchtelingen uit landen als Eritrea, Syrië, Jemen, Koerdistan en West-Afrika speciale hapjes uit hun land aanbieden aan het publiek. Ook zien we inwoners uit Somalië, Pakistan, Sierra Leone, Irak, Iran en Afghanistan. Er zijn diverse marktkramen waar vrijwilligers samen met de bewoners laten zien wat ze op het AZC allemaal doen. Zo kun je hier bijvoorbeeld makkelijk je fiets laten repareren want er lopen zat mannen rond voor dit soort technische klusjes. En ze willen graag allemaal wat te doen hebben.

We ontmoeten Iris Heijdelberg, directeur van de Openbare Basisschool De Bazaar van het AZC, die op het terrein gevestigd is. De school biedt plaats aan vijftig kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 12 jaar. Iris: "Wij hebben vier groepen, die we vervolgens weer splitsen tot acht. De kinderen krijgen les op hun niveau. Dus kan het zomaar gebeuren dat een jongen van groep 8 op het niveau van groep 6 het vak rekenen krijgt. Maar het is ook heel goed mogelijk dat een kind van groep 3 al zo goed kan lezen, dat hij of zij op een hoger niveau les krijgt. Op papier delen we kinderen op leeftijd in, maar in groepen kijken we naar wat ze precies nodig hebben."

De school start op dezelfde tijd als bij een reguliere school, dus om half negen stipt. De Bazaar kent een team van twaalf mensen, bestaande uit leerkrachten, onderwijsassistenten en één administratief medewerker. "Vijftig kinderen lijkt weinig,"zegt Iris, "maar sommige kinderen hebben juist wat extra hulp nodig. Je kan niet te veel kinderen in één groep plaatsen." Met al die verschillende nationaliteiten moet het best moeilijk zijn om kinderen goed les te kunnen geven. Hoe doen jullie dat? "Tja, dat is de uitdaging, hé? Maar het is tenslotte ook ons vak en we hebben er een speciaal programma voor. We bieden veel nieuwe woorden aan in themavorm. Zo hebben we bijvoorbeeld net het thema wonen gehad. Woorden die met woningen te maken leren we ze via plaatjes, liedjes, spelletjes en door allerlei verschillende oefeningen. De basis is de Nederlandse taal, spelling, veel lezen, rekenen, sport, creatieve dingen en uiteraard is er aandacht voor sociale vaardigheden. We zijn een gewone school, maar we hebben bijzondere kinderen. En dat geldt ook voor de leerkrachten, want dit is toch wel speciaal werk. Je moet als docent wel wat extra in huis hebben." En dat extra is? "Pedagogisch sterk zijn, weten hoe je kinderen moet begeleiden, en belangrijk is dat ze zich veilig voelen bij jou. Als ze dat niet doen, gaan ze niet leren. Sommigen hebben ook best al veel meegemaakt op jonge leeftijd. Je moet hun vertrouwen winnen. Dat is belangrijk en zorgen voor routine"

Meer berichten